Hoe balkons transformeren in dansvloertjes?

HET VERHAAL VAN ARNO

Nout staat op het balkon. Hij heeft zijn winterjas aangeschoten, want het is wel zonnig, maar knap fris. “Zie je ze al?” roept zijn vrouw Ellie vanuit de keuken. Het is eind maart. Twee maanden ervoor kwamen ze samen in de seniorenflat wonen. Ironisch genoeg waren ze door de coronamaatregelen vlak daarna aan hun nieuwe thuis gekluisterd.

Allebei missen ze hun kinderen en vooral de kleinkinderen. Ellie genoot er altijd van om ze te verwennen tijdens de middagpauze van school. Ze vindt het maar niks om zo opgesloten te zitten, maar troost zich met de gedachte dat zij en haar man in ieder geval elkaar nog hebben en dat dit op het moment gewoon het veiligst is.
Nout staat al een minuut of tien ongeduldig buiten op de uitkijk als ze hem ineens opgetogen hoort roepen: “Ja, daar zijn ze!” Terwijl Ellie snel twee kopjes koffie inschenkt, spurt haar man naar binnen en duikt de pannenla in. “Bijna de deksel vergeten”, zegt hij met een brede grijns als hij weer overeind komt.

Toch niet met een filmpje, Arno. Live.

gerdie, collega van arno

Ondertussen zijn Arno en Wido op de parkeerplaats al druk bezig met het uitladen van de bus. Dit is alweer de zesde locatie waar ze spelen vandaag. Als ze doorpakken halen ze het precies om een halfuur gezelligheid te brengen aan de Van Sonstraat. Op de parkeerplaats achter de seniorenflat bouwen ze – inmiddels geroutineerd – de geluidsinstallatie op. In totaal verzorgen ze die vrijdag acht optredens. Om negen uur zijn ze gestart en om vier uur zit het laatste ‘muzikale lichtpuntje’ erop. Op maandag is het hetzelfde liedje, maar dan spelen ze alleen ’s ochtends. Ze doen dit nu vanaf de eerste week dat ouderen werd aangeraden thuis te blijven en ze zijn van plan het vol te houden tot het ontmoetingscentrum van woonstichting Charlotte van Beuningen weer opengaat

Lichtpuntjes Molenstraat

Arno is de sociaal beheerder van de Rode Rik, het wijkhuis van woonstichting Charlotte van Beuningen aan de Van Sonstraat in Vught. In zijn dorp is hij ook bekend als ‘de man met de gitaar van Jeugd Actief’. Spelend op zijn akoestische vriend opende en sloot hij jarenlang de lokale jeugdvakantieweek ten overstaan van een grasveld vol basisschoolkinderen die uit volle borst meezongen. Zijn vriend Wido is muziekleraar op een Vughtse basisschool. Toen het advies voor ouderen kwam om binnen te blijven en geen bezoek te ontvangen, was het idee voor het filmen van een huiskamerconcert snel geboren. Maar Gerdie, een collega van Arno, heeft een beter idee. “Toch niet met een filmpje, Arno. Live!” roept ze door de telefoon. “Onder de balkons, bij de bewoners.”

Binnen een dag is het geregeld. Arno bouwt de auto van zijn gezin om tot mobiele studio. Gerdie brengt de bewoners van de woonstichting op de hoogte. Vervolgens kiezen Arno en Wido samen de nummers uit die ze willen spelen. Ze spreken af dat Arno op locatie de standaards en instrumenten uitlaadt en Wido alles aansluit. Peter, de technisch beheerder van de woonstichting, zorgt voor de stroom. De toer kan beginnen. Vrijdag 20 maart starten ze met optreden op vier locaties.

Houd 1,5 meter afstand, mensen.
Alleen dan mogen we blijven spelen.

Arno

Om zeven uur gaat de wekker. Arno sluipt zijn bed uit. Iedereen slaapt nog. Haast met opstaan heeft niemand immers meer nu er vanuit huis wordt gewerkt en geleerd. Om acht uur klopt Wido op het raam. Ze drinken samen een bak koffie en starten met het inladen van de auto. Als ze aankomen bij de eerste locatie is er niemand te bekennen. De balkons zijn leeg, de deuren dicht. “Misschien slapen ze nog wel”, grapt Arno. Glimlachend besluiten ze de installatie een tandje harder te zetten. Dan beginnen ze te spelen. Als Arno na een paar akkoorden opkijkt, gaat er een balkondeur open. En nog een. En nog een. Tot bijna alle balkons gevuld zijn. Een man van drie hoog groet zijn buurvrouw – zwaaiend van balkon naar balkon. En vanaf het derde nummer komt het publiek langzaam in beweging. De balkons transformeren in kleine dansvloertjes. Dat beeld blijft zich – locatie na locatie – herhalen. Als de klok richting het middaguur kruipt en de zon zich laat zien, stroomt er ook publiek toe. Voorbijgangers houden stil om mee te zingen. Mensen stappen van hun fiets voor een dansje. Corona lijkt even ver weg. En daarmee komen Arno en Wido voor een extra uitdaging te staan: de 1,5 meter afstand bewaken. Tussen de nummers door blijven ze erop hameren. Het argument ‘alleen dan mogen we blijven spelen’ lijkt gelukkig te werken. Iedereen danst zijn dansje. Alleen, maar toch samen.

De week erop wordt het duo een trio. Frank, een saxofonist, sluit zich bij hen aan. Als de mannen aankomen op een locatie staan de mensen voortaan al te wachten op hun balkon. Net als Nout. Velen met een pollepel en een pannendeksel of emmer in de hand. Het idee om mensen af en toe mee te laten spelen op potten en pannen werd in de tweede week van de muzikale lichtpuntjes geboren. Het was even afwachten of het grijsgelokte publiek zich hier te oud voor zou voelen, maar niets blijkt minder waar. Zodra ‘We will rock you’ wordt ingezet en Wido het startsein geeft, wordt er vol enthousiasme op het geïmproviseerde slagwerk geramd. Op zeshoog heeft een man er zelfs een vrolijk gekleurde plastic saxofoon bij gepakt. Hij bespeelt hem of hij Stan Getz zelf is en heeft de tijd van zijn leven.

We zingen een uur of vijf. Langer dan het langste concert van Springsteen.

Arno

Arno geniet van het uitzicht. Als hij niet hoeft te zingen, scant hij de gezichten op de balkons. Wie is er wel, wie is er niet vandaag? Dit is voor hem ook een moment om te kijken hoe het met de bewoners gaat. Het doet hem vooral goed als hij mensen die ziek zijn geweest, weer op het balkon ziet verschijnen. Zelf wordt hij de laatste dagen geplaagd door hooikoorts. Het blijkt geen goede combinatie met zijn enthousiasme, dus moet hij zijn stem af en toe sparen. Wido neemt daarom vaker een zangpartij voor zijn rekening. Als ze aan het eind van de middag moe maar voldaan thuiskomen, zijn hun stembanden murw. En dat is niet zo vreemd. Ze staan op vrijdag toch een uur of vijf te zingen. “Langer dan het langste concert van Bruce Springsteen”, zegt Arno gekscherend.

Wat het publiek niet ziet, is dat de mannen de hele week zoet zijn met het voorbereiden van de ‘muzikale lichtpuntjes’. Na de optredens op vrijdag kiezen ze de nummers voor de week erop. Op zaterdag is het even uitblazen. Op zondag zorgt Wido voor de arrangementen. Op maandag treden ze op. Op dinsdag speelt Arno de akkoorden nog even door. Op woensdagavond tot over elven wordt er gerepeteerd. Op vrijdag voeren ze de nieuwe set op en dezelfde middag begint het riedeltje opnieuw. Toch lijkt de glimlach niet van de gezichten van de heren muzikanten te slaan. Gelukkig maar. Want het is week vier en het eind is nog niet in zicht.


De weken erop blijven de verzoeken voor optredens binnenstromen. Het aantal locaties waar Arno, Wido en Frank spelen groeit uit van acht naar dertien. Dat is de max wat de mannen qua tijd en fysieke belasting aankunnen. Ze blijven ook met zijn drieën om de repetities behapbaar te houden. Uiteindelijk houden ze het 13 weken vol tot het moment dat de ontmoetingsruimten van de woningstichting weer open mogen. Op maandag 15 juni om 12.45 uur sluiten ze voor de allerlaatste keer af met ‘You’ll never walk alone’.

Tekst en fotografie: Stories by Dymph.